Binnenkort zijn ze er weer: de ‘donkere dagen’. De koude, druilerige dagen van Allerheiligen en Allerzielen. Of Halloween, als het wat enger mag. Het zijn dagen waarop we denken aan de mensen die gestorven zijn. Maar weet je: denken aan de overledenen hoeft helemaal niet droef of eng te zijn.

Het kan ook helemaal anders. In Mexico, bijvoorbeeld, vieren ze feest om hun doden te herdenken. Groot feest, met lampionnen en kraampjes en slingers en eten en drinken en dansen en muziekDia de los Muertos heet dat feest. Je hebt er misschien al van gehoord. Dan worden de grafstenen gepoetst tot ze blinken. Mensen bouwen mooie ofrendas bij hen thuis of op het kerkhof. Dat zijn altaren met foto’s van de mensen die gestorven zijn. Die versieren ze dan met kaarsen en al het lievelingseten van de overledene. En met bloemen die een heerlijke geur verspreiden. Zo hoeven de doden alleen maar de geur van de bloemen te volgen om de weg naar onze wereld te vinden. Er is verrukkelijk suikerbrood dat pan de muerto heet, en er zijn zalige calaveras, dat zijn schedels of skeletten van suiker gemaakt. Die zijn helemaal niet eng, maar net grappig.

Mensen schrijven zelfs leuke liedjes en gedichtjes. Want Dia de los Muertos gaat niet over huilen en pijn, maar over lachen en blij zijn. Blij dat één keer per jaar iedereen weer samen is, de levenden en de doden, om samen te feesten als de beesten, te schransen en te dansen. Feest! 

Zo. Nu je helemaal mee bent met wat Dia de los Muertos is, ben je klaar voor ons verhaal. Want natuurlijk is er een verhaal. En natuurlijk gaat dat over onze eigen Esdoornschool, en over hoe iemand niet helemaal is wie ze lijkt te zijn…